Onderdeel van Oude Stad
Het historische hart van Haarlem met de Grote Markt, Sint Bavo en eindeloze winkelstraten.
Onze kijk op deze plek
“ De Oude Stad is Haarlem in een notendop: compact, historisch en vol leven. Hier loop je over de kinderkopjes waar Mozart misschien ooit zijn voet zette, en waar de Spin 3 van Fokker in 1911 rond de Grote Kerk vloog. Het is de enige buurt waar je in vijf minuten van een 17e-eeuwse gevel naar een moderne koepelgevangenis kunt lopen – en dat is precies waarom het werkt. Maar pas op: dit is geen museum. De Warmoesstraat en de Kleine Houtstraat zijn ’s avonds vol met studenten, toeristen en lokale kroegtijgers. Overdag is het een mix van winkelende moeders, kantoormensen en de eeuwige groepjes Japanners die de Grote Kerk fotograferen. De beste tijd om hier rond te lopen? Maandagochtend, als de markt gesloten is en de toeristenbussen nog slapen. En dan is er nog het Spaarne. Aan de oostkant, waar de Amsterdamse Poort staat, is het rustiger. Daar vind je de enige plek in Haarlem waar je nog echt het gevoel hebt dat de tijd stilstaat – als je tenminste niet net op een zaterdagmiddag komt, als de terrassen aan de Catharijnebrug vol zitten met mensen die doen alsof ze in Amsterdam zijn.”
Haarlem ontving stadsrechten op 23 november 1245 van graaf Willem II van Holland. Het Beleg van Haarlem (1572–1573) kostte 1.700 tot 2.000 Oranje-aanhangers het leven na zeven maanden hongersnood. In de Gouden Eeuw groeide de stad tot een centrum van kunst en handel: Frans Hals, Judith Leyster en Jacob van Ruisdael werkten hier. De Oprechte Haerlemsche Courant (1656) was een van de oudste kranten ter wereld.
De gotische Grote of Sint-Bavokerk (14e–15e eeuw) domineert het centrum met het wereldberoemde Müller-orgel (1735–1738, ruim 5.000 pijpen), bespeeld door de tienjarige Mozart (1766) en Händel. Stadsbouwmeester Lieven de Key ontwierp het Stadhuis (1597), de Vleeshal (1602) en De Waag (1599). Het Art Nouveau-station (1906–1908, Margadant) is het enige van zijn soort in Nederland.
Neem de Gasthuissteeg achter de Grote Kerk. Geen toeristen, wel de mooiste gevelrij van Haarlem.
Het oudste hofje van Nederland, verscholen achter een onopvallende deur in de Lange Begijnestraat. Eén van de 22 hofjes die Haarlem de bijnaam 'hofjesstad' gaven.
Voormalige Jacobskerk (14e eeuw) omgebouwd tot brouwerij en grand café. Jopen brouwt hier historische recepten uit het Haarlemse stadsarchief van 1407 en 1501.
Het oudste museum van Nederland (1784). De neoklassieke Ovale Zaal herbergt tekeningen van Michelangelo, Raphael en Rembrandt — 's ochtends vroeg bijna leeg.
Nieuwe plekken, events en veranderingen — wekelijks in je inbox.
3 plekken in deze buurt

De enige winkel in Haarlem die al 50 jaar antiek en curiosa verkoopt én sinds 10 jaar ook nieuwe nostalgische replica’s,

De enige plek in Haarlem met stijlkamers die alle Europese interieurstijlen uit de late 18e eeuw vertegenwoordigen—van

De enige plek in Haarlem met een Frans georiënteerde kaart in een 15e-eeuwse pelgrimskeuken, waar je tegelijkertijd
0 plekken gevonden
Nog geen plekken in Burgwal toegevoegd.
Bekijk alle plekken in Haarlem →Druk in het weekend, maar buiten marktdagen is het centrum verrassend rustig — en dan zijn de steegjes van jou.
Laatst bijgewerkt:
Auteur/Redactie: Redactie Wegwijs Haarlem
Canonieke URL: https://wegwijshaarlem.nl/buurten/oude-stad
Bron: Officiële Bekendmakingen • Laatste 6 maanden
Op 23 november 1245, verleend door graaf Willem II van Holland. De oorkonde bevat 68 bepalingen op perkament en is bewaard in het stadsarchief.
22 hofjes, waarvan 20 historisch. In de 17e eeuw telde de stad er circa 40. Het oudste is het Hofje van Bakenes (1395) — het oudste hofje van Nederland. Ze werden gesticht door rijke burgers als liefdadigheid: huisvesting voor behoeftige alleenstaande vrouwen.
Het Müller-orgel (1735–1738) was bij oplevering het grootste orgel ter wereld: ruim 5.000 pijpen en 64 registers, bijna 30 meter hoog. Mozart bespeelde het in 1766 op tienjarige leeftijd. Ook Händel speelde er, in 1740 en 1750.
Lieven de Key (ca. 1560–1627) was stadsbouwmeester van Haarlem en de grootste renaissancebouwmeester van Nederland. Hij ontwierp het Stadhuis (1597), de Vleeshal (1602) en De Waag (1599) — allemaal nog steeds op de Grote Markt.